Naar hoofdinhoud
1. Met de bepalingen van deze titel wordt beoogd het Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken van 20 april 1959 en het Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven van 8 november 1990 aan te vullen en de toepassing ervan tussen de overeenkomstsluitende partijen te vergemakkelijken. 2. Er wordt geen afbreuk gedaan aan gunstiger bepalingen van bilaterale of multilaterale overeenkomsten tussen de overeenkomstsluitende partijen. De Overeenkomst wordt voorlopig toegepast in de verhouding met Zwitserland.

Rechtspraak bij dit artikel