**1.** Elke lidstaat stelt al het mogelijke in het werk om ervoor te zorgen dat ten minste één van de volgende postale financiële diensten op zijn grondgebied wordt verzorgd:
Contante postwissel: de afzender biedt geld aan op het servicetoegangspunt van de aangewezen aanbieder en verzoekt om contante betaling van het volledige bedrag, zonder enige inhouding voor de geadresseerde.
Betaalpostwissel: de afzender geeft opdracht tot debitering van zijn rekening die door de aangewezen aanbieder wordt gehouden en verzoekt om contante betaling van het volledige bedrag aan de geadresseerde, zonder enige inhouding.
Stortingspostwissel: de afzender biedt geld aan op het servicetoegangspunt van de aangewezen aanbieder en verzoekt om storting ervan op de rekening van de geadresseerde, zonder enige inhouding.
Postoverschrijving: de afzender geeft opdracht tot debitering van zijn rekening die door de aangewezen aanbieder wordt gehouden en verzoekt om creditering van de door de aangewezen aanbieder van uitbetaling gehouden rekening van de geadresseerde met een gelijkluidend bedrag, zonder enige inhouding.
**2.** De maatregelen ter uitvoering van dit Verdrag worden vastgelegd in de Regeling.
DEEL I › HOOFDSTUK I
Artikel 1
Reikwijdte van het Verdrag
Onderdeel van Verdrag inzake postale financiële diensten· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 november 2013