**1.** Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 5, 7, 15 en 16 mogen voordelen of inkomsten, verkregen door beroepsartiesten, zoals toneelspelers, film-, radio- of televisieartiesten en musici, alsmede door sportbeoefenaars, uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig, dan wel voordelen of inkomsten verkregen uit het ter beschikking stellen door een onderneming van de diensten van zodanige beroepsartiesten of sportbeoefenaars, worden belast in de Staat waar deze werkzaamheden of diensten worden verricht.
**2.** De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing, indien het bezoek van beroepsartiesten of sportbeoefenaars aan een van de Staten geheel of in hoofdzaak wordt bekostigd uit de openbare middelen van de andere Staat, een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan.
HOOFDSTUK III
Artikel 18
Artiesten en sportbeoefenaars
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Korea tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 17 april 1981