Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Verdrag betreffende de instelling en het statuut van een Benelux-Gerechtshof· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1974

1. Elk van de drie Regeringen kan het Hof verzoeken bij wege van advies zijn oordeel te geven over de uitleg van een krachtens artikel 1 aangewezen rechtsregel. 2. Van dit verzoek wordt door de griffie van het Hof mededeling gedaan aan de beide andere Regeringen, die dan op hun beurt beschouwingen ter zake aan het Hof kunnen doen toekomen. Het Hof doet een kennisgeving, waarin het voorwerp van het verzoek summier is omschreven, onverwijld opnemen in het officiële publikatieblad van elk der drie landen. 3. Partijen die betrokken mochten zijn bij een rechtsgeding of een arbitrage, waarbij dezelfde vraag aan de orde is, kunnen eveneens hun beschouwingen doen toekomen aan het Hof, dat dan zijn oordeel kan opschorten totdat de rechter voor wie de zaak aanhangig is, uitspraak heeft gedaan. 4. Het Hof zal bij de uitoefening van zijn adviserende bevoegdheden de op de rechtspraak betrekking hebbende bepalingen van dit Verdrag zoveel mogelijk tot richtsnoer nemen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel