Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 4quater

Artikel 4quater

Onderdeel van Verdrag betreffende de instelling en het statuut van een Benelux-Gerechtshof· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 december 1986

1. De rechters, de plaatsvervangende rechters, de advocaten-generaal, de plaatsvervangende advocaten-generaal en de griffiers van het Hof kunnen in rechte niet worden vervolgd of aan enig onderzoek onderworpen met betrekking tot hetgeen zij in de uitoefening van hun functie hebben gezegd, gedaan of geschreven, zelfs indien zij niet meer in functie zijn. 2. Indien, onverminderd het in lid 1 bepaalde, tegen een in dat lid bedoelde persoon een vervolging in rechte wordt ingesteld, kan hij in elk der drie Beneluxlanden slechts worden berecht door de instantie die in dat land bevoegd is tot berechting van de leden van het hoogste nationale rechtscollege.

Rechtspraak bij dit artikel