Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK XI

Artikel 43

Verhouding tot andere internationale instrumenten

Onderdeel van Verdrag van de Raad van Europa inzake de bescherming van kinderen tegen seksuele uitbuiting en seksueel misbruik· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2010

1. Dit Verdrag laat de rechten en verplichtingen onverlet die voortvloeien uit de bepalingen van andere internationale instrumenten waarbij de Partijen bij dit Verdrag partij zijn of zullen worden en die bepalingen bevatten inzake door dit Verdrag geregelde aangelegenheden en die een grotere bescherming van en meer hulp aan kinderen die het slachtoffer van seksuele uitbuiting en seksueel misbruik zijn, waarborgen. 2. De Partijen bij het Verdrag kunnen met elkaar bilaterale of multilaterale verdragen sluiten inzake de aangelegenheden die in dit Verdrag worden behandeld teneinde de bepalingen van dit Verdrag aan te vullen of aan te scherpen of de toepassing van de in dit Verdrag vervatte beginselen te faciliteren. 3. Partijen die lid zijn van de Europese Unie passen in hun wederzijdse betrekkingen regels van de Gemeenschap en de Europese Unie toe, voor zover op het desbetreffende specifieke onderwerp en in het specifieke geval regels van de Gemeenschap en de Europese Unie van toepassing zijn, onverminderd het voorwerp en het doel van dit Verdrag en onverminderd de volledige toepassing ervan ten opzichte van andere Partijen.

Rechtspraak bij dit artikel