**1.** Elke Partij neemt de wetgevende of andere maatregelen die nodig kunnen zijn om medeplichtigheid aan of uitlokking van elk van de overeenkomstig de artikelen 18 en 20 van dit Verdrag omschreven feiten, indien zulks opzettelijk geschiedt, strafbaar te stellen.
**2.** Elke Partij neemt de wetgevende of andere maatregelen die nodig kunnen zijn om een poging tot het plegen van een van de in de artikelen 18 en 20, onderdeel a, van dit Verdrag omschreven feiten, indien zulks opzettelijk geschiedt, strafbaar te stellen.
HOOFDSTUK IV
Artikel 21
Poging en medeplichtigheid of uitlokking
Onderdeel van Verdrag van de Raad van Europa inzake bestrijding van mensenhandel· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2010