Teneinde onderdanen van elk der Overeenkomstsluitende Partijen in staat te stellen in het andere land te studeren en onderzoekingen te verrichten, onderzoekt elk der Partijen de mogelijkheid om aan de onderdanen van de andere Partij beurzen en andere faciliteiten te verstrekken.
Artikel IV
Artikel IV
Onderdeel van Culturele Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Brazilië· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 29 mei 1968