Naar hoofdinhoud

TITEL IV

Artikel 18

Artikel 18

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland betreffende de wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen en andere executoriale titels in burgerlijke zaken· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 15 september 1965

(1). Indien een zaak voor het gerecht van een der beide Staten aanhangig is en de beslissing in die zaak in de andere Staat zal moeten worden erkend, dan moet een gerecht van deze Staat in een geding dat bij dit gerecht over hetzelfde onderwerp en tussen dezelfde partijen naderhand aanhangig wordt, de niet-ontvankelijkheid uitspreken. (2). Evenwel kunnen de bevoegde autoriteiten van elk der beide Staten in spoedeisende gevallen verlof geven tot het treffen van de in hun interne recht voorziene voorlopige maatregelen, daaronder begrepen maatregelen tot bewaring van recht, en wel ongeacht bij welk gerecht de hoofdzaak aanhangig is. Het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken vervangt per 1 februari 1973 het onderhavige Verdrag, en wel op grond van artikel 55 van het Verdrag van 1968 en de genoemde inwerkingtreding ervan. Echter, de vervanging geldt slechts met inachtneming van de beperkingen van de artikelen 54, tweede alinea, en 56 van het genoemde Verdrag en slechts voor zover de toepassing van dat Verdrag op grond van zijn artikel 1 reikt. De EG-Verordening 44/2001 vervangt per 1 maart 2002 het onderhavige Verdrag, en wel op grond van artikel 69 van de Verordening en de genoemde inwerkingtreding ervan. Echter, de vervanging geldt slechts met inachtneming van de beperkingen van de artikelen 66, tweede lid, en 70 van de Verordening en slechts voor zover de toepassing van de Verordening op grond van haar artikel 1 reikt. De EG-Verordening 1346/2000 vervangt per 31 mei 2002 het onderhavige Verdrag, en wel op grond van artikel 44 van de Verordening en de genoemde inwerkingtreding ervan. Echter, de vervanging geldt slechts voor zover de toepassing van de Verordening op grond van haar artikel 1 reikt. De EG-Verordening 2201/2003 vervangt per 1 augustus 2004 het onderhavige Verdrag, en wel op grond van artikel 59 van de Verordening en de genoemde inwerkingtreding ervan. Echter, de vervanging is pas van toepassing vanaf 1 maart 2005, met uitzondering van de artikelen 67, 68, 69 en 70 van de Verordening van 2003 die wel vanaf 1 augustus 2004 van toepassing zijn. Bovendien geldt de vervanging slechts voor zover de toepassing van de Verordening op grond van haar artikel 1 reikt (Trb. 2005/61).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel