Naar hoofdinhoud
1. Elke Overeenkomstsluitende Partij waarborgt de onderdanen van de andere Overeenkomstsluitende Partij de overmaking naar hun land van: de netto-winsten, renten en royalties, verkregen uit enige economische activiteit aan die onderdanen; een passend deel van hun inkomsten wanneer zij toestemming hebben hun werkzaamheden op haar grondgebied uit te oefenen; gelden voor de terugbetaling van leningen die de Overeenkomstsluitende Partijen als investeringen hebben erkend; in geval van liquidatie, de opbrengst daarvan. 2. Met inachtneming van de wetten, regelingen en voorschriften die in elk land van kracht zijn, worden zodanige overmakingen verricht zonder onnodige beperkingen of vertraging.

Rechtspraak bij dit artikel