De faciliteiten bedoeld in artikel 3 worden toegepast ten aanzien van welzijnsgoederen die:
in het gebied van een Overeenkomstsluitende Partij worden ingevoerd om, met het oog op hun gebruik aldaar, aan boord te worden gebracht van een buitenlands schip dat vaart in het internationale zeeverkeer en dat ligt in een haven van dat gebied;
uit een schip worden uitgeladen om, met het oog op hun gebruik aan boord, te worden overgebracht naar een buitenlands schip dat vaart in het internationale zeeverkeer en dat ligt in dezelfde haven, dan wel in een andere haven van hetzelfde gebied;
uit een schip worden uitgeladen om weder te worden uitgevoerd;
bestemd zijn om te worden hersteld;
wachten op het verkrijgen van één van de bestemmingen bedoeld onder (a), (b) of (c) van dit artikel;
uit een schip worden uitgeladen om door de bemanning tijdelijk aan de wal te worden gebruikt voor een tijdsduur welke die van het verblijf van het schip in de haven niet te boven gaat.
HOOFDSTUK II
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Douaneovereenkomst inzake welzijnsgoederen voor zeevarenden· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 9 februari 1967