Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 26bis

Artikel 26bis

Onderdeel van Verdrag inzake verkeerstekens· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 8 november 2008

1. Het markeren van rijstroken die zijn voorbehouden aan bepaalde categorieën voertuigen, met inbegrip van fietsstroken, dient te geschieden door middel van strepen die zich duidelijk onderscheiden van andere doorgetrokken of onderbroken strepen op de rijbaan, met name door een grotere breedte van de streep en een kortere lengte van de onderbrekingen in de streep. 2. Indien een rijstrook is voorbehouden aan voertuigen voor geregelde openbaarvervoersdiensten, wordt dit op het wegdek aangegeven door middel van het opschrift ,BUS’ of de letter ,A’. Het teken dat een dergelijke rijstrook aanduidt, dient te zijn een vierkant teken zoals omschreven in Bijlage 1, Deel E, of een rond teken zoals omschreven in Bijlage 1, Deel D, bij dit Verdrag, met daarop het witte symbool van een bus op een blauw vlak. Diagrammen A,58a en A,58b in Bijlage 2 bij dit Verdrag zijn voorbeelden van markeringen voor een rijstrook die is voorbehouden aan voertuigen voor geregelde openbaarvervoersdiensten. 3. De nationale wetgeving bepaalt onder welke omstandigheden andere voertuigen van de in het eerste lid genoemde rijstrook gebruik mogen maken of deze mogen overschrijden.

Rechtspraak bij dit artikel