**1.** De op het wegdek aangebrachte tekens, genoemd in artikelen 26 tot en met 28 van dit Verdrag, kunnen op het wegdek van de rijbaan worden geschilderd of er op andere wijze op worden aangebracht, mits deze even doeltreffend is.
**2.** Indien tekens op het wegdek zijn geschilderd, dienen deze wit of geel te zijn; blauw mag echter worden gebruikt om plaatsen aan te geven waar parkeren is toegestaan onder bepaalde voorwaarden of met bepaalde beperkingen (beperkte duur, betaling, categorie gebruiker, enz.). Voor de toepassing van dit lid wordt onder „wit” mede verstaan tinten zilver of lichtgrijs.
**3.** Bij het aanbrengen van opschriften, symbolen en pijlen op het wegdek dient rekening te worden gehouden met de noodzaak deze flink uit te rekken in de richting van het verkeer, zulks wegens de zeer scherpe hoek waaronder ze door bestuurders worden gezien.
**4.** Tekens op het wegdek die zijn bedoeld voor rijdende voertuigen moeten door bestuurders tijdig gemakkelijk kunnen worden herkend. Ze moeten overdag en 's nachts zichtbaar zijn. Het verdient aanbeveling dat deze tekens, in het bijzonder in gebieden met onvoldoende verlichting, retroreflecterend zijn.
HOOFDSTUK IV
Artikel 29
Artikel 29
Onderdeel van Verdrag inzake verkeerstekens· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 8 november 2008