Naar hoofdinhoud
1. Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer door een onderneming van een land zijn slechts in dat land belastbaar. 2. Met betrekking tot de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer door een onderneming van een land is die onderneming, indien het een Nederlandse onderneming betreft, ook vrijgesteld van de ondernemingsbelasting in Japan en, indien het een Japanse onderneming betreft, ook vrijgesteld van elke belasting die gelijksoortig is aan de ondernemingsbelasting in Japan en in de toekomst in Nederland mocht worden geheven. 3. Deze Overeenkomst mag niet aldus worden uitgelegd, dat zij inbreuk maakt op de bij notawisseling van 26 januari 1933 tussen Nederland en Japan tot stand gekomen regeling tot wederzijdse vrijstelling van belasting op inkomsten en winsten voortvloeiende uit het internationale zeescheepvaartbedrijf.

Rechtspraak bij dit artikel