Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Overeenkomst nopens de meting van binnenvaartuigen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 14 augustus 1979

1. Binnen de begrenzing van hun geldigheidsduur zoals deze is vastgesteld in artikel 4 en 5 van deze Overeenkomst, worden meetbrieven, die door een bureau van meting van een der Overeenkomstsluitende Partijen zijn afgegeven op grond van overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst vastgestelde voorschriften, door de autoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partijen erkend als gelijkwaardig aan de door deze Partijen op grond van hun overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst vastgestelde eigen voorschriften afgegeven meetbrieven. 2. Het in het eerste lid van dit artikel bepaalde belet een Overeenkomstsluitende Partij niet voor eigen rekening de gegevens van meetbrieven afgegeven door de bureaus van meting van een andere Overeenkomstsluitende Partij te doen controleren; deze controle dient evenwel op zodanige wijze te geschieden dat het daaruit voor de exploitatie van het vaartuig voortvloeiend ongerief tot het strikt onvermijdelijke blijft beperkt. Indien de Overeenkomstsluitende Partij die de controle laat verrichten onjuistheden in de gegevens van de meetbrief aantreft, stelt zij de Overeenkomstsluitende Partij waaronder het bureau van meting dat de meetbrief heeft afgegeven ressorteert, daarvan in kennis; het bepaalde in het eerst lid van dit artikel is op deze gegevens niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel