**1.** De kosten verbonden aan de uitvoering van de ingevolge deze Overeenkomst aan de Organisatie toevallende taken, nader omschreven in Bijlage B, die een integrerend deel van deze Overeenkomst vormt, (hierna te noemen „de terug te betalen kosten”) zullen door de Regeringen worden terugbetaald aan de Organisatie.
**2.** De terug te betalen kosten mogen een bedrag van 196 miljoen Franse franken (waarin begrepen een marge voor onvoorziene kosten van 44 miljoen Franse franken) niet te boven gaan.
**3.** De terug te betalen kosten wegens door de Organisatie verrichte uitgaven komen ten laste van een bijzondere rekening, overeenkomstig de in Bijlage B neergelegde gedetailleerde voorschriften.
**4.** Het aandeel van iedere Regering in de terug te betalen kosten wordt bepaald volgens de in Bijlage B gegeven schaal.
**5.** De Regeringen storten hun aandeel in de terugbetaling op de bijzondere rekening in bedragen en op de data, vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Financiële Reglement van de Organisatie.
**6.** De Directeur-Generaal van de Organisatie waakt over het gebruik van de in het tweede lid van dit artikel genoemde 44 miljoen Franse franken. Voorstellen voor het aanwenden van meer gelden dan die, waarover de Directeur-Generaal overeenkomstig de reglementen van de Organisatie op eigen gezag kan beschikken, vereisen de goedkeuring van twee derde van de Regeringen.
**7.** De Regeringen kunnen bij uitzondering besluiten
tot het instellen van bijzondere technische en financiële controlemaatregelen, waarvan zij de termen en voorwaarden vaststellen,
tot het houden van vergaderingen ten einde de Directeur-Generaal instructies te verstrekken betreffende het beheer van het Bijzondere Project.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Overeenkomst tussen zekere Lid-Staten van de Europese Organisatie voor Ruimteonderzoek en de Europese Organisatie voor Ruimteonderzoek inzake de uitvoering van een bijzonder TD-project· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 21 juli 1970