**1.** Beroeps-consulaire ambtenaren mogen in de ontvangende Staat geen beroeps- of bedrijfsbezigheid uitoefenen gericht op persoonlijk gewin.
**2.** De voorrechten en immuniteiten waarin dit hoofdstuk voorziet worden niet toegekend:
aan consulaire beambten of aan leden van het bedienend personeel die in de ontvangende Staat een particulier winstgevend beroep of bedrijf uitoefenen;
aan leden van het gezin van een in alinea (a) van dit lid bedoelde persoon of aan leden van zijn particulier personeel;
aan leden van het gezin van een lid van een consulaire post die zelf een particulier winstgevend beroep of bedrijf in de ontvangende Staat uitoefenen.
Hoofdstuk II › AFDELING II
Artikel 57
Bijzondere bepalingen betreffende de uitoefening van een particulier op winst gericht beroep of bedrijf
Onderdeel van Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 16 januari 1986