Aan houders van de in artikel 9 van de onderhavige Overeenkomst genoemde identiteitsbewijzen voor zeevarenden wordt toegestaan als lid van de bemanning van een schip van de Overeenkomstsluitende Partij die het identiteitsbewijs heeft afgegeven, gedurende de tijd dat het schip ligplaats heeft gekozen in een haven van de andere Overeenkomstsluitende Partij, zonder visum walverlof te genieten in de gemeente waartoe de haven behoort*)Onder de uitdrukking „in de gemeente waartoe de haven behoort” wordt met betrekking tot de Sowjet-Unie het gebied van de haven en de havenstad verstaan., op voorwaarde dat de kapitein van het schip aan de bevoegde autoriteiten een bemanningslijst heeft overhandigd overeenkomstig de voorschriften welke in deze haven van kracht zijn. Bij het aan wal gaan en de terugkeer op het schip zijn de betrokken personen verplicht zich aan de in die haven ingestelde paspoorten- en douanecontrole te onderwerpen.
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Unie van Socialistische Sowjet-Republieken inzake de Handelsscheepvaart· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 14 september 1971