Naar hoofdinhoud
(1). In het grensgebied vindt, onverminderd het Eems-Dollardverdrag, met betrekking tot de opsporing en winning een met de opsporing en winning verband houdend handelen en nalaten de voor de opsporing en winning ingerichte installaties aan de Nederlandse zijde van de lijn het Nederlandse recht, en aan de Duitse zijde van de lijn het Duitse recht toepassing. Het voorgaande vindt ten aanzien van de bevoegdheid der autoriteiten en gerechten overeenkomstige toepassing; met betrekking tot met de bodem verbonden installaties voor de opsporing of winning is artikel 33, lid 2 tot en met lid 6, van het Eems-Dollardverdrag van overeenkomstige toepassing. (2). De Overeenkomstsluitende Partijen kunnen krachtens hun interne recht rechten verlenen die voor het gehele grensgebied geldig zijn. Van deze rechten en van rechten die bij de inwerkingtreding van deze Overeenkomst reeds bestaan mag echter slechts in overeenstemming met de bepalingen van deze Overeenkomst gebruik worden gemaakt. (3). Iedere Overeenkomstsluitende Partij doet de andere Partij onverwijld mededeling van de bestaande rechten. Hetzelfde geldt wanneer nieuwe rechten worden verleend of wanneer rechten worden gewijzigd of ingetrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel