Naar hoofdinhoud
1. De vervoerders van een Overeenkomstsluitende Partij mogen geen vervoer van personen of goederen verrichten tussen twee plaatsen gelegen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij. 2. De vervoerders van een Overeenkomstsluitende Partij mogen geen vervoer van personen of goederen verrichten tussen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij en een derde land, met uitzondering van vervoer verricht in transito door het land waar het voertuig is ingeschreven of waarvoor een bijzondere toestemming is verleend door die andere Overeenkomstsluitende Partij. 3. In het geval van een vervoer van personen of goederen tussen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij en een derde Staat verricht in transito door het land waar het voertuig is ingeschreven is het vergunningenstelsel voorzien in de artikelen 2 en 4 van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel