**1.** Elk Afrikaans land dat de status van onafhankelijk land heeft, kan regionaal lid van de Bank worden. Het verwerft het lidmaatschap overeenkomstig artikel 64, eerste of tweede lid, van deze Overeenkomst.
**2.** Het geografisch gebied waarover het regionale lidmaatschap en de ontwikkelingsactiviteiten van de Bank zich kunnen uitstrekken (in deze Overeenkomst te noemen „Afrika” of „Afrikaans”, naar gelang het zinsverband vereist), omvat het Afrikaanse continent en de Afrikaanse eilanden.
**3.** Niet-regionale landen die lid van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds zijn of worden, of die bijdragen aan het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds hebben verstrekt of verstrekken op voorwaarden en bedingen die gelijksoortig zijn aan de voorwaarden en bedingen van de Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds, kunnen ook tot de Bank worden toegelaten op tijdstippen en ingevolge algemene regels als door de Raad van Bestuur vast te stellen. Zodanige algemene regels kunnen alleen worden gewijzigd bij besluit van de Raad van Bestuur met een twee derde meerderheid van het totale aantal bestuurders, met inbegrip van twee derde van de bestuurders van niet-regionale leden, die niet minder dan drie vierde van het totale aantal stemmen van de Lid-Staten vertegenwoordigen.
HOOFDSTUK I
Artikel 3
Lidmaatschap en geografisch gebied
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 januari 1983