Wanneer er een geschil is tussen de Bank en een voormalig lid, of tussen de Bank en een lid bij de beëindiging van de werkzaamheden van de Bank, wordt een dergelijk geschil onderworpen aan arbitrage door een tribunaal van drie scheidsmannen. Elke partij benoemt een scheidsman en de twee aldus benoemde scheidsmannen benoemen een derde scheidsman die tevens voorzitter zal zijn. Indien binnen dertig dagen na het verzoek om arbitrage een van de partijen geen scheidsman heeft benoemd, of indien binnen vijftien dagen na de benoeming van de twee scheidsmannen geen derde is benoemd, kan elk van beide partijen de Voorzitter van het Internationaal Gerechtshof of een andere overeenkomstig door de Raad van Bestuur aangenomen regels voorgeschreven autoriteit verzoeken een scheidsman te benoemen. De procedure wordt vastgesteld door de scheidsmannen. De derde scheidsman is evenwel volledig bevoegd alle procedurele kwesties te regelen in geval van meningsverschillen daaromtrent. Een meerderheid van stemmen van de scheidsmannen volstaat om tot een onherroepelijke en voor de partijen bindende beslissing te komen.
HOOFDSTUK VIII
Artikel 62
Arbitrage
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 5 juli 2002