Naar hoofdinhoud

Artikel VI

Artikel VI

Onderdeel van Verdrag betreffende de Internationale Hydrografische Organisatie· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 8 november 2016

a. Een vierde van de Lidstaten, maar ten minste dertig, nemen zitting in de Raad, waarvan twee derde op basis van hun regio en de resterende een derde op basis van de hydrografische belangen die worden omschreven in het Algemeen Reglement. b. De uitgangspunten voor de samenstelling van de Raad worden neergelegd in het Algemeen Reglement. c. De leden van de Raad bekleden hun functie tot het eind van de volgende gewone zitting van de Algemene Vergadering. d. Het quorum wordt gevormd door twee derde van de leden van de Raad. e. De Raad komt ten minste eenmaal per jaar bijeen. f. De Lidstaten die geen lid zijn van de Raad kunnen deelnemen aan de vergadering van de Raad, maar zijn niet gerechtigd een stem uit te brengen. g. De Raad heeft de volgende functies: i. kiezen van de voorzitter en vicevoorzitter, die hun functie bekleden tot het eind van de volgende gewone zitting van de Algemene Vergadering; ii. uitoefenen van de verantwoordelijkheden die de Algemene Vergadering aan de Raad kan delegeren; iii. gedurende de tijdvakken tussen de zittingen van de Algemene Vergadering coördineren van de activiteiten van de Organisatie binnen het kader van haar strategie, activiteitenprogramma en financiële regelingen zoals besloten door de Algemene Vergadering; iv. tijdens elke gewone zitting aan de Algemene Vergadering rapporteren over de werkzaamheden van de Organisatie; v. met ondersteuning van de Secretaris-Generaal voorbereiden van voorstellen betreffende de algemene strategie en het activiteitenprogramma voor aanneming door de Algemene Vergadering; vi. bestuderen van de jaarrekening en de voorlopige begroting die zijn opgesteld door de Secretaris-Generaal en deze ter goedkeuring met commentaar en aanbevelingen voor toewijzingen voorleggen aan de Algemene Vergadering; vii. toetsen van voorstellen die bij hem zijn ingediend door de subsidiaire organen en deze: doorverwijzen naar de Algemene Vergadering voor alle aangelegenheden waarover de Algemene Vergadering dient te beslissen; terugverwijzen naar het subsidiaire orgaan indien dat noodzakelijk wordt geacht; of doorverwijzen naar de Lidstaten voor aanneming via een schriftelijke procedure; viii. voorstellen aan de Algemene Vergadering doen voor de oprichting van subsidiaire organen; en ix. toetsen van ontwerpovereenkomsten tussen de Organisatie en andere organisaties en deze ter goedkeuring voorleggen aan de Algemene Vergadering.

Rechtspraak bij dit artikel