Indien een ambtenaar van een der landen in verband met het opsporen en constateren van een strafbaar feit de medewerking inroept van een ambtenaar van een der beide andere landen, kan laatstbedoelde ambtenaar deze medewerking verlenen op het grondgebied van het land van de verzoekende ambtenaar. In dat geval treedt hij op met dezelfde bevoegdheden als de ambtenaar aan wie hij bijstand verleent en zijn optreden heeft alsdan dezelfde gevolgen.
HOOFDSTUK VII › Afdeling 2
Artikel 23
Artikel 23
Onderdeel van Overeenkomst inzake de administratieve en strafrechtelijke samenwerking op het gebied van de regelingen die verband houden met de verwezenlijking van de doelstellingen van de Benelux Economische Unie· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 februari 1971