Naar hoofdinhoud

TITEL IV

Artikel 38

Artikel 38

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Griekenland inzake sociale zekerheid· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 1970

1. De organen van een Verdragsluitende Partij welke uit hoofde van dit Verdrag uitkeringen in geld verschuldigd zijn aan rechthebbenden, die zich op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij bevinden, kunnen het verschuldigde rechtens voldoen in de munt van eerstbedoelde Partij; wanneer zij gelden verschuldigd zijn aan organen, die zich op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij bevinden, moeten zij die gelden betalen in de munt van deze Partij. 2. Het overmaken van gelden, voortvloeiende uit de toepassing van dit Verdrag, heeft plaats krachtens de overeenkomsten welke terzake op het tijdstip van de overmaking tussen de beide Verdragsluitende Partijen van kracht zijn.

Rechtspraak bij dit artikel