Naar hoofdinhoud
1. De Organisaties verlenen technische hulp aan de Regering van Suriname of van de Nederlandse Antillen, indien de daartoe benodigde gelden beschikbaar zijn. De Organisaties, die gezamenlijk of afzonderlijk optreden, en de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen werken samen, op basis van de van de betrokken Regering ontvangen en door de desbetreffende Organisaties goedgekeurde verzoeken, bij het opstellen van wederzijds aanvaardbare werkprogramma's voor het uitvoeren van werkzaamheden op het gebied van technische hulp. De Regering van het Koninkrijk neemt de internationale verantwoordelijkheid op zich voor de overeenkomsten die de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen krachtens deze Overeenkomst heeft gesloten, alsook voor de verbintenissen die zij krachtens deze Overeenkomst heeft aangegaan, als waren deze namens de Regering van het Koninkrijk gesloten of aangegaan. 2. Zodanige technische hulp wordt verschaft en ontvangen overeenkomstig de daarop betrekking hebbende resoluties en besluiten van de vergaderingen, conferenties en andere organen van de Organisaties; in het bijzonder technische hulp die wordt verleend binnen de technische hulpsector van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties wordt verschaft en ontvangen overeenkomstig de Opmerkingen en Leidende Beginselen vermeld in bijlage I van resolutie 222 A (IX) van de Economische en Sociale Raad der Verenigde Naties van 15 augustus 1949 en in resolutie 2029 (XX) van 22 november 1965 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. 3. Zodanige technische hulp kan bestaan in: het beschikbaar stellen van de diensten van deskundigen ten einde aan of door tussenkomst van de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen advies te geven en hulp te verlenen; het organiseren en leiden van studiegroepen, opleidingsprogramma's, demonstratie-projecten, werkgroepen van deskundigen en daarmede verband houdende werkzaamheden, op in onderling overleg vast te stellen plaatsen; het toekennen van „scholarships” en „fellowships” of het treffen van andere regelingen ingevolge welke door de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen aangewezen en door de betrokken Organisaties goedgekeurde kandidaten buiten het land gaan studeren of een opleiding gaan volgen; het voorbereiden en uitvoeren van proef-projecten, proeven, experimenten of wetenschappelijke onderzoekingen op in onderling overleg vast te stellen plaatsen; het verschaffen van technische hulp in enige andere vorm waaromtrent tussen de Organisaties en de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen overeenstemming is bereikt. 4. De deskundigen die aan of door tussenkomst van de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen advies moeten geven en hulp moeten verlenen, worden door de Organisaties gekozen in overleg met die Regering. Zij zijn verantwoording verschuldigd aan de betrokken Organisaties. Bij de uitvoering van hun taak handelen de deskundigen in nauw overleg met de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen en met personen of lichamen die daartoe door de betrokken Regering zijn aangewezen; zij houden zich aan de van de betrokken Regering ontvangen instructies voor zover deze in overeenstemming zijn met de aard van hun taak en de te verstrekken hulp en waaromtrent tussen de betrokken Organisaties en de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen overeenstemming is bereikt. Bij het verrichten van hun voorlichtingswerk pogen de deskundigen het technische personeel dat de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen hun eventueel zou toevoegen, onderricht te geven in de methoden, de techniek en de praktijk van hun beroep en in de beginselen waarop deze zijn gebaseerd. 5. De technische uitrusting en de voorraden die door de Organisaties ter beschikking worden gesteld, blijven hun eigendom, tenzij en tot op het ogenblik waarop het eigendomsrecht wordt overgedragen op tussen de betrokken Organisaties en de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen onderling overeen te komen voorwaarden. 6. De Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen is aansprakelijk voor alle vorderingen die door derden worden ingesteld tegen de Organisaties en hun deskundigen, agenten of functionarissen en vrijwaart die Organisaties en hun deskundigen, agenten en functionarissen in geval van enigerlei uit de krachtens deze Overeenkomst ondernomen werkzaamheden voortvloeiende vorderingen of verplichtingen, tenzij de Regering van Suriname of de Nederlandse Antillen, de Administrateur van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties en de betrokken Organisaties het erover eens zijn dat deze vorderingen of verplichtingen het gevolg zijn van grove nalatigheid of opzettelijk onjuist handelen van die deskundigen, agenten of functionarissen.

Rechtspraak bij dit artikel