Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Interne Overeenkomst inzake het Financiële Protocol· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 21 december 1972

Wanneer een Lid-Staat zijn aandeel in rekeneenheden van de gelden nodig voor de financiering van de toegekende leningen aan de Bank verstrekt, totdat deze leningen worden terugbetaald, kan op hem geen beroep worden gedaan om extra-bijdragen te storten of andere lasten of risico's op zich te nemen. Wanneer een Lid-Staat de gelden nodig voor de financiering van de toegekende leningen niet verstrekt aan de Bank, totdat deze leningen worden terugbetaald, is hij verplicht de lasten te dragen voor het verschaffen van de middelen die overeenkomen met zijn aandeel in rekeneenheden. Deze verplichting kan met name de volgende vormen aannemen: het verstrekken aan de Bank van de gelden nodig voor de financiering van de toegekende leningen, totdat de Bank op de in artikel 3, sub b), genoemde wijzen andere middelen heeft verworven; het verstrekken aan de Bank, bij wijze van overbrugging, van de gelden nodig om de op de in artikel 3, sub b), genoemde wijzen verkregen middelen terug te betalen, wanneer deze terugbetaling voor die van de toegekende leningen moet plaatsvinden; het verstrekken van de nodige garanties om de Bank in staat te stellen bij derden middelen te verkrijgen; vereffening van het verschil tussen de kosten van de door de Bank gebruikte middelen en de opbrengst van de rente der toegekende leningen. Voor het bedrag en de voorwaarden van de in artikel 3, sub b), bedoelde verrichtingen is de voorafgaande instemming vereist van de Lid-Staat op wiens aandeel deze verrichtingen in mindering worden gebracht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel