De Nederlandse Minister belast een ambtenaar met de leiding van en het toezicht op de voorbereiding en de uitvoering van de werken. Deze ambtenaar pleegt regelmatig overleg met een door de Belgische Minister daartoe aangewezen ambtenaar, over alle vraagstukken van gemeenschappelijk belang welke zich bij de voorbereiding en de uitvoering van de werken mochten voordoen. Ter verzekering van een goede voortgang van de werken ontvangen bedoelde ambtenaren de nodige machtigingen.
TITEL III
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk België betreffende de verbetering van de vaarweg door de Westerschelde nabij Walsoorden· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 14 juli 1972