De Nederlandse Regering verbindt zich, aanspraken van houders die de bij deze Overeenkomst vastgestelde regeling niet mochten aanvaarden, niet meer te ondersteunen.
De betaling van het in deze Overeenkomst genoemde forfaitaire bedrag zal wat betreft de stukken (hoofdsom en rente inbegrepen) waarvoor de houders de bij deze Overeenkomst vastgestelde regeling hebben aanvaard, bevrijdende werking hebben voor de Zuidslavische Regering, zowel tegenover de houders als tegenover de Nederlandse Regering.
De houders van obligaties die de in deze Overeenkomst vervatte regeling hebben aanvaard zullen tegenover de Zuidslavische Regering op generlei wijze enig uit deze stukken voortvloeiend recht geldend kunnen maken.
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Federale Volksrepubliek Zuidslavië inzake de regeling van bepaalde Nederlandse financiële vorderingen· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 21 november 1961