Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III

Artikel 12

Porten

Onderdeel van Verdrag inzake postale financiële diensten· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 26 oktober 2009

1. De postdienst van uitgifte bepaalt vrijelijk de bij uitgifte op te leggen heffing. Aan deze hoofdheffing kunnen eventueel heffingen worden toegevoegd die samenhangen met de aan de afzender verleende bijzondere diensten. 2. Overschrijvingen die, door tussenkomst van een land dat partij is bij dit Verdrag, plaatsvinden tussen een land dat partij is en een land dat geen partij is, kunnen door een tussengeschakelde postdienst worden onderworpen aan een extra heffing. Het bedrag van deze heffing wordt tussen de betrokken diensten overeengekomen en op het bedrag van de overschrijving in mindering gebracht. Deze heffing kan evenwel aan de afzender worden opgelegd en aan de dienst van het tussengeschakelde land worden toegekend indien de betrokken postdiensten hiertoe overeenstemming hebben bereikt. 3. Documenten, acceptgiro’s en betaalopdrachten die betrekking hebben op postoverschrijvingen langs postale weg zijn, onder de in de artikelen RL 110 en 111 bedoelde voorwaarden, vrijgesteld van alle heffingen.

Rechtspraak bij dit artikel