Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VII

Artikel 23

Slotbepalingen

Onderdeel van Verdrag inzake postale financiële diensten· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 26 oktober 2009

1. Het Postverdrag is in voorkomend geval mutatis mutandis van toepassing op alles wat niet uitdrukkelijk in dit Verdrag is geregeld. 2. Artikel 4 van de Constitutie is niet van toepassing op dit Verdrag. 3. Voorwaarden voor goedkeuring van voorstellen met betrekking tot dit Verdrag en de bijbehorende Regeling. Om uitvoerbaar te worden, moeten de aan het Congres voorgelegde voorstellen die betrekking hebben op dit Verdrag worden goedgekeurd door de meerderheid van de aanwezige stemgerechtigde en hun stem uitbrengende lidstaten die partij zijn bij het Verdrag. Ten tijde van de stemming moet ten minste de helft van deze lidstaten die bij het Congres vertegenwoordigd zijn en stemgerechtigd zijn, aanwezig zijn. Om uitvoerbaar te worden, moeten de voorstellen met betrekking tot de Regeling bij dit Verdrag worden goedgekeurd door de meerderheid van de leden van de Postraad die partij zijn bij het Verdrag en stemgerechtigd zijn. Om uitvoerbaar te worden, moeten de tussen twee Congressen in ingediende voorstellen die betrekking hebben op dit Verdrag: twee derde van de stemmen verenigen, waarbij ten minste de helft van de lidstaten die partij zijn bij het Verdrag en stemgerechtigd zijn aan de stemming hebben deelgenomen, indien het de toevoeging van nieuwe bepalingen betreft; de meerderheid van de stemmen verenigen, waarbij ten minste de helft van de lidstaten die partij zijn bij dit Verdrag en stemgerechtigd zijn aan de stemming hebben deelgenomen, indien het de wijziging van de bepalingen van dit Verdrag betreft; de meerderheid van de stemmen verenigen, indien het de uitlegging van de bepalingen van dit Verdrag betreft. Niettegenstaande het bepaalde in 3.3.1 is elke lidstaat waarvan de nationale wetgeving nog niet verenigbaar is met de voorgestelde toevoeging gerechtigd, binnen negentig dagen na de kennisgeving van deze toevoeging, een schriftelijke verklaring aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau te richten waarin wordt vermeld dat het niet mogelijk is deze toevoeging te aanvaarden. 4. Dit Verdrag treedt in werking op 1 januari 2006 en blijft van kracht tot de inwerkingtreding van de Akten van het volgende Congres.

Rechtspraak bij dit artikel