Naar hoofdinhoud

DEEL I › HOOFDSTUK ENIG

Artikel 11

Overtredingen

Onderdeel van Algemeen Postverdrag· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 26 oktober 2009

1. Poststukken De lidstaten verplichten zich ertoe alle nodige maatregelen te nemen om de navolgende handelingen te voorkomen en de daders ervan te vervolgen en te bestraffen: het insluiten in poststukken van verdovende middelen, psychotrope stoffen of explosieven, ontvlambare en andere gevaarlijke stoffen waarvoor insluiting niet uitdrukkelijk door het Postverdrag wordt toegestaan; het insluiten in poststukken van voorwerpen van pedofiele of pornografische aard waarin kinderen voorkomen. 2. Frankering in het algemeen en frankeermiddelen in het bijzonder De lidstaten verplichten zich ertoe alle nodige maatregelen te nemen ter voorkoming, beteugeling en bestraffing van overtredingen met betrekking tot de in dit Verdrag bedoelde frankeermiddelen, te weten: in roulatie zijnde of uit de roulatie genomen postzegels; frankeermerken; afdrukken van frankeermachines en afdrukken van drukpersen; internationale antwoordcoupons. Ten behoeve van dit Verdrag wordt onder een overtreding met betrekking tot frankeermiddelen verstaan een van de volgende handelingen, begaan met het oogmerk de pleger ervan of een derde op onrechtmatige wijze te verrijken. Het volgende dient strafbaar te worden gesteld: het vervalsen, imiteren of namaken van frankeermiddelen, of elke andere onrechtmatige of strafbare daad die verband houdt met de ongeoorloofde vervaardiging ervan; het gebruiken, in omloop brengen, in de handel brengen, distribueren, verspreiden, vervoeren, presenteren of tentoonstellen, met inbegrip van voor publicitaire doeleinden, van vervalste, geïmiteerde of nagemaakte frankeermiddelen; het ten behoeve van postale doeleinden gebruiken of in omloop brengen van frankeermiddelen die reeds eerder zijn gebruikt; pogingen tot het begaan van een van de bovengenoemde overtredingen. 3. Wederkerigheid Wat de sancties betreft, mag geen enkel onderscheid worden gemaakt tussen de onder 2 bedoelde handelingen, of het nu gaat om nationale of buitenlandse frankeermiddelen; op deze bepaling kunnen geen voorwaarden inzake wettelijke wederkerigheid of wederkerigheid op grond van een verdrag worden toegepast.

Rechtspraak bij dit artikel