Aan dit Verdrag is de intrekking van doorvoerfaciliteiten die verder gaan dan die waarin dit Verdrag voorziet en waaromtrent, onder met de beginselen daarvan strokende voorwaarden, tussen Verdragsluitende Staten overeenstemming is bereikt, of die door een der Verdragsluitende Staten zijn verleend, volstrekt niet verbonden. Evenmin sluit dit Verdrag het verlenen van dergelijke verdergaande faciliteiten in de toekomst uit.
Artikel 9
Bepalingen inzake verdergaande faciliteiten
Onderdeel van Verdrag inzake de doorvoerhandel van en naar Staten zonder zeekust· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 30 december 1971