Naar hoofdinhoud

DEEL III

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Verdrag betreffende de accommodatie aan boord van vissersschepen· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 12 mei 1977

1. Op schepen met een bemanning van meer dan tien personen dient de messroom gescheiden te zijn van de slaapverblijven. Zo mogelijk, dient dit eveneens het geval te zijn op schepen met een kleinere bemanning. Indien dit evenwel niet mogelijk is, kan de messroom met het nachtverblijf in één ruimte worden ondergebracht. 2. Op schepen die de visvangst in volle zee uitoefenen en die een bemanning hebben van meer dan 20 personen, kan een afzonderlijke messroom voor de schipper en de officieren worden ingericht. 3. De afmetingen en de inrichting van elke messroom dienen zodanig te zijn dat deze in overeenstemming zijn met het aantal personen dat doorgaans tegelijk van een messroom gebruik maakt. 4. Messrooms dienen te zijn uitgerust met tafels en goedgekeurde zitplaatsen, waarvan het aantal in overeenstemming dient te zijn met het aantal personen dat doorgaans tegelijk van een messroom gebruik maakt. 5. De messrooms dienen zo dicht mogelijk bij de kombuis te zijn gelegen. 6. Indien de pantries niet rechtstreeks met de messrooms in verbinding staan, dan dient er voldoende kastruimte voor het opbergen van het eetgerei en een behoorlijke gelegenheid voor het afwassen daarvan te worden geschapen. 7. De tafelbladen en de bovenzijde van de zittingen dienen van vochtwerend materiaal te zijn vervaardigd, geen scheuren te vertonen en gemakkelijk schoon te houden te zijn. 8. Indien mogelijk, dienen de messrooms zodanig te zijn ingedeeld, gemeubileerd en ingericht dat zij als ontspanningsruimten kunnen worden gebruikt.

Rechtspraak bij dit artikel