Naar hoofdinhoud

Artikel IV

Artikel IV

Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Columbia inzake technische samenwerking· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 21 december 1966

1. Deskundigen, leerkrachten en specialisten die door de Regering van het ene land ter beschikking worden gesteld voor adviserende of uitvoerende werkzaamheden in het andere land kunnen, gedurende vier maanden na aankomst in het andere land hun bagage, hun persoonlijke en huishoudelijke goederen en hun overige verbruiksartikelen bestemd voor hun persoonlijk of beroepsmatig gebruik, of voor het gebruik van hun gezinnen, invoeren zonder speciale invoervergunning of bewijs van deviezendekking. Het uitnodigende land stelt de invoer vrij van douaneheffingen en andere soortgelijke lasten. Eveneens kunnen zij éénmaal zonder betaling van douanerechten een auto, bestemd voor persoonlijk gebruik, invoeren doch de verkoop daarvan aan derden zal niet worden toegestaan dan bij afloop van hun opdracht in Columbia en na betaling van de vrijgestelde rechten. 2. De deskundigen, leerkrachten en specialisten kunnen gedurende zes maanden na het einde van hun terbeschikkingstelling het door hen ingevoerde weder uitvoeren, waarbij lid 1 van dit artikel van overeenkomstige toepassing is. Hetzelfde geldt, binnen redelijke grenzen, met betrekking tot die persoonlijke en huishoudelijke goederen welke tijdens hun terbeschikkingstelling zijn verworven. 3. De Regering van de Republiek Columbia staat aan de Nederlandse deskundigen, leerkrachten en specialisten, uitgezonden krachtens deze Overeenkomst, en aan hun gezinsleden toe, geneesmiddelen, levensmiddelen, dranken en andere artikelen voor dagelijks gebruik, voor zover bestemd voor eigen gebruik, zonder betaling van douaneheffingen in te voeren.

Rechtspraak bij dit artikel