Naar hoofdinhoud

Artikel VIII

De beheerder

Onderdeel van Overeenkomst inzake het Nam Ngoem Ontwikkelingsfonds 1966· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 29 augustus 1966

8.01. De beheerder zendt binnen dertig dagen na 31 december 1966 en telkens na 30 juni en 31 december daarna aan elk der Overeenkomstsluitende Partijen een verslag met voldoende gegevens met betrekking tot de ontvangsten en uitgaven, alsmede het saldo van het Fonds, de vorderingen van het project, en andere aangelegenheden die verband houden met het Fonds, het project en met deze Overeenkomst. De beheerder raadpleegt de betrokken Partijen van tijd tot tijd met betrekking tot de vorm en inhoud van deze verslagen. 8.02. De beheerder kan, zonder daartoe verplicht te zijn, de gelden die bij het Fonds berusten deponeren en beleggen, in afwachting van het tijdstip waarop zij worden gebruikt, op zodanige wijze als het deze geschikt voorkomt. De inkomsten uit dergelijke deposito's en investeringen gaan na aftrek van de betrokken uitgaven en lasten, deel uitmaken van de activa van het Fonds. 8.03. Telkens wanneer het voor de doeleinden van deze Overeenkomst noodzakelijk is een munteenheid uit te drukken in een andere munteenheid, wordt de waarde daarvan zo goed mogelijk vastgesteld door de beheerder in overeenstemming met de bij de Bank gebruikelijke procedures. 8.04. De beheerder ontvangt geen andere schadevergoeding dan voor uitgaven welke hij heeft gedaan uitsluitend in verband met diensten verleend ingevolge deze Overeenkomst, en ten aanzien waarvan hij gerechtigd is het Fonds aan te spreken. 8.05. Indien de beheerder bepaalt dat bijzondere omstandigheden zulks vereisen, kan hij die overeenkomsten of regelingen treffen, of het treffen daarvan verlangen of goedkeuren, met ingenieursfirma's en andere adviseurs, aannemersfirma's en andere ondernemingen of lichamen welke hij noodzakelijk of wenselijk acht ter uitvoering van het project op de meest doelmatige, snelle en kostenbesparende wijze. 8.06. Wanneer de Bank optreedt als beheerder dient zij dezelfde zorg te betrachten ten aanzien van het beheer en het bestuur van het Fonds en bij de uitoefening van haar andere functies ingevolge deze Overeenkomst, als zij betracht ten aanzien van het beheer en het bestuur van haar eigen zaken.

Rechtspraak bij dit artikel