Naar hoofdinhoud
1). Elk land kan deze Akte opzeggen door kennisgeving aan de Directeur-Generaal. Deze opzegging houdt tevens in de opzegging van de Akte van 15 juni 1957 van deze Overeenkomst en werkt slechts ten opzichte van het land dat heeft opgezegd; de Overeenkomst blijft van kracht en uitvoerbaar ten opzichte van de andere landen van de bijzondere Unie. 2). De opzegging wordt van kracht een jaar na de datum waarop de Directeur-Generaal de kennisgeving heeft ontvangen. 3). De bevoegdheid tot opzegging, bedoeld in dit artikel, kan door een land slechts worden uitgeoefend na afloop van een termijn van vijf jaren te rekenen van de datum waarop dat land lid is geworden van de bijzondere Unie.

Rechtspraak bij dit artikel