Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Grondfaciliteiten van Europese GNSS

Onderdeel van Samenwerkingsovereenkomst inzake satellietnavigatie tussen de Europese Unie en haar lidstaten en het Koninkrijk Noorwegen· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 april 2016

1. Noorwegen neemt alle praktisch uitvoerbare maatregelen om de ontplooiing, het onderhoud en de vervanging van grondfaciliteiten van Europese GNSS („grondfaciliteiten”) op de onder zijn jurisdictie vallende grondgebieden te vergemakkelijken. 2. Noorwegen neemt alle praktisch uitvoerbare maatregelen om de bescherming en de ononderbroken en ongestoorde werking van grondfaciliteiten op zijn grondgebieden te verzekeren inclusief, in voorkomend geval, door het inzetten van zijn rechtshandhavingsinstanties. Noorwegen zet alle praktisch uitvoerbare middelen in om de faciliteiten vrij te houden van lokale radio-interferentie, hacking en pogingen tot afluisteren. 3. De contractuele relaties betreffende de grondfaciliteiten zullen worden overeengekomen tussen de Europese Commissie en de houder van de eigendomsrechten. De Noorse autoriteiten zullen ten volle de speciale status van de grondfaciliteiten respecteren en streven telkens wanneer mogelijk voorafgaande overeenstemming met de Europese Commissie na alvorens enige maatregel betreffende grondfaciliteiten wordt genomen. 4. Noorwegen staat ononderbroken en ongehinderde toegang tot de grondfaciliteiten toe aan alle aangewezen of op andere wijze door de Europese Unie gemachtigde personen. Daartoe richt Noorwegen een aanspreekpunt op dat informatie ontvangt over naar de grondfaciliteiten reizende personen en op andere wijze het verkeer en de activiteiten van dergelijke personen in de praktijk vergemakkelijkt. 5. De archieven en uitrusting van de grondfaciliteiten en documenten in doorvoer, ongeacht de vorm ervan, die een officieel zegel of merk dragen, worden niet onderworpen aan inspecties door douane of politie. 6. In geval van een bedreiging of gevaar voor de beveiliging van grondfaciliteiten of hun werking informeren Noorwegen en de Europese Commissie elkaar zonder uitstel van de gebeurtenis en de stappen om de situatie te verhelpen. De Europese Commissie kan een andere vertrouwensentiteit aanwijzen om voor dergelijke informatieverstrekking als aanspreekpunt met Noorwegen op te treden. 7. De partijen stellen in een afzonderlijke regeling nadere procedures vast betreffende de kwesties waarvan sprake in de leden 1 tot 6. Dergelijke procedures hebben onder meer betrekking op verduidelijkingen betreffende inspecties, taken van de aanspreekpunten, eisen voor koeriers en maatregelen tegen lokale radiofrequentie-interferentie en vijandige aanvallen.

Rechtspraak bij dit artikel