**a.** Elk lid wijst zijn centrale bank, of een andere met de Bank overeen te komen instelling, aan als de plaats waar de Bank haar bezit aan valuta van dat lid alsmede andere activa van de Bank kan bewaren.
**b.** Elk lid wijst een officiële instantie aan waarmee de Bank in verbinding kan treden over aangelegenheden die voortvloeien uit dit Verdrag. Wanneer de goedkeuring van een lid vereist is voordat de Bank een handeling kan verrichten, wordt deze goedkeuring geacht te zijn gegeven, tenzij het desbetreffende lid bezwaar maakt binnen een door de Bank vast te stellen redelijke termijn voor de kennisgeving aan het lid van de voorgestelde handeling.
HOOFDSTUK VII
Artikel 33
Plaatsen van bewaargeving en communicatie met de Bank
Onderdeel van Verdrag tot oprichting van de Bank voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling in het Midden-Oosten en Noord-Afrika· Internationaal publiekrecht