Naar hoofdinhoud
1. Bij de grenscontrole in de zone geschieden de ambtshandelingen van het land van uitgang vóór de dienovereenkomstige handelingen van het land van binnenkomst. 2. Voordat de grenscontrole bij uitgang door het nabuurland is beëindigd, zijn de autoriteiten van het gebiedsland niet bevoegd in de zone personen aan te houden of goederen en andere vermogensbestanddelen in beslag te nemen, welke aan die controle zijn onderworpen. 3. Nadat de grenscontrole bij binnenkomst door het nabuurland is aangevangen zijn de autoriteiten van het gebiedsland niet meer bevoegd in de zone personen aan te houden of goederen en andere vermogensbestanddelen in beslag te nemen, welke aan die controle zijn onderworpen, indien de ambtenaren van het nabuurland zelf die maatregel hebben genomen.

Rechtspraak bij dit artikel