Naar hoofdinhoud
1. De ambtenaren van beide landen verlenen elkaar zoveel mogelijk bijstand bij de uitvoering van hun taak in de zone, in het bijzonder om overtredingen van de wettelijke en administratieve bepalingen, de grensoverschrijding betreffende, te voorkomen of op te sporen; zij delen elkaar daartoe zo snel mogelijk die inlichtingen mede, die voor de uitoefening van hun dienst van belang zijn. 2. Het bepaalde in het vorige lid laat onverlet de nationale wettelijke en administratieve bepalingen, op grond waarvan voor het verstrekken van inlichtingen in voorkomende gevallen een machtiging van andere autoriteiten is vereist.

Rechtspraak bij dit artikel