Naar hoofdinhoud

Artikel XII

Waarborgen van de Organisatie

Onderdeel van Statuut van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 30 juli 1957

A. Met betrekking tot elk project van de Organisatie of tot een andere regeling waarbij de Organisatie door de betrokken partijen wordt verzocht veiligheidsvoorschriften toe te passen, heeft de Organisatie de volgende rechten en verantwoordelijkheden ten opzichte van het project of de regeling: de ontwerpen voor bijzondere uitrusting en installaties, kernreactoren inbegrepen, aan een onderzoek te onderwerpen en het al of niet verlenen van goedkeuring uitsluitend te baseren op de vraag of vaststaat dat daarmede geen militaire doeleinden zullen worden gediend, dat zij voldoen aan de geldende gezondheids- en veiligheidsnormen en dat zij een doeltreffende toepassing van de in dit artikel voorziene waarborgen mogelijk maken; de naleving te eisen van alle door de Organisatie voorgeschreven maatregelen ter bescherming van de gezondheid en de veiligheid; te eisen dat werkstaten worden bijgehouden en overgelegd om aldus het doeltreffend afleggen van verantwoording ten aanzien van bij het project of de regeling gebruikte of geproduceerde basismaterialen of splijtstoffen te vergemakkelijken; rapporten over de vorderingen der werkzaamheden te eisen; goedkeuring te hechten aan de voor de chemische regeneratie van bestraalde materialen aan te wenden middelen, uitsluitend om te verzekeren dat deze chemische regeneratie er niet toe zal leiden dat de materialen aan hun oorspronkelijke bestemming kunnen worden onttrokken om voor militaire doeleinden te worden gebruikt en dat zij aan de geldende gezondheids- en veiligheidsnormen voldoen; te eisen dat splijtstoffen welke zijn verkregen of geproduceerd als bijprodukt onder voortdurende toepassing van de waarborgen van de Organisatie voor vreedzame doeleinden worden gebruikt, hetzij voor wetenschappelijk onderzoek hetzij in door het betrokken lid of de betrokken leden aangewezen reeds bestaande of in aanbouw zijnde reactoren; en het in bewaring geven bij de Organisatie te eisen van elke hoeveelheid als bijprodukt verkregen of geproduceerde splijtstoffen welke uitgaat boven hetgeen voor het bovenvermelde gebruik nodig is teneinde voorraadvorming van deze materialen te voorkomen, mits daarna de op deze wijze bij de Organisatie in bewaring gegeven splijtstoffen op verzoek van het betrokken lid of de betrokken leden onmiddellijk aan het betrokken lid of de betrokken leden worden teruggegeven om met inachtneming van de hierboven vermelde bepalingen te worden aangewend; naar het gebied van de ontvangende Staat of Staten inspecteurs te zenden, aangewezen door de Organisatie in overleg met de betrokken Staat of Staten, die te allen tijde toegang dienen te hebben tot alle plaatsen en gegevens, alsmede tot elke persoon die uit hoofde van zijn beroep te maken heeft met materialen, uitrusting of installaties welke krachtens dit Statuut aan veiligheidsvoorschriften onderworpen dienen te zijn, voor zover zulks nodig is voor het afleggen van verantwoording voor geleverde basis-materialen en splijtstoffen en voor geproduceerde splijtstoffen en om na te gaan of de belofte om deze niet ten behoeve van enig militair doel, zoals bedoeld in artikel XI, lid F sub 4, te gebruiken, wordt nageleefd, alsmede of wordt voldaan aan de in lid A sub 2 van dit artikel bedoelde maatregelen ter bescherming der gezondheid en veiligheid en aan alle andere in de overeenkomst tussen de Organisatie en de betrokken Staat of Staten voorbeschreven voorwaarden. De door de Organisatie aangewezen inspecteurs zullen, op verzoek van de betrokken Staat, worden vergezeld door vertegenwoordigers van de autoriteiten van die Staat, mits de inspecteurs hierdoor niet bij de uitoefening van hun werkzaamheden vertraging ondervinden of anderszins daarin worden belemmerd; de hulpverlening op te schorten of te beëindigen en alle door de Organisatie of door een lid ter bevordering van het project beschikbaar gestelde materialen en uitrusting terug te nemen, indien de ontvangende Staat of Staten verzuimt/verzuimen de voorschriften na te leven of niet binnen redelijke tijd de gevraagde maatregelen neemt/nemen ter correctie van de situatie. B. De Organisatie stelt naar behoefte een inspectie-apparaat in. De inspecteurs hebben tot taak alle door de Organisatie zelf verrichte werkzaamheden te onderzoeken teneinde na te gaan of de Organisatie zich houdt aan de maatregelen ter bescherming van de gezondheid en de veiligheid welke zijzelf heeft opgesteld inzake de projecten welke aan haar goedkeuring, toezicht of controle zijn onderworpen, alsmede of de Organisatie afdoende maatregelen neemt om te verhinderen dat de bij haar berustende of door haar voor eigen werkzaamheden benutte basismaterialen en splijtstoffen en de splijtstoffen die daarbij werden geproduceerd, gebruikt worden ten dienste van enig militair doel. De Organisatie neemt onmiddellijk maatregelen om elke niet-naleving of elk verzuim afdoende maatregelen te nemen, te corrigeren. C. Het inspectie-apparaat heeft eveneens tot taak er voor te zorgen dat de in lid A sub 6 van dit artikel bedoelde verantwoording inderdaad wordt afgelegd, alsmede deze aan controle te onderwerpen en na te gaan of de in artikel XI, lid F sub 4 bedoelde belofte wordt nageleefd, of aan de in lid A sub 2 van dit artikel bedoelde maatregelen de hand wordt gehouden en of aan alle andere in de overeenkomst tussen de Organisatie en de betrokken Staat of de betrokken Staten voorgeschreven voorwaarden met betrekking tot het project wordt voldaan. De inspecteurs rapporteren elk geval van niet-naleving aan de Directeur-Generaal, die vervolgens het rapport aan de Raad van Beheer doorgeeft. De Raad van Beheer nodigt de ontvangende Staat of Staten uit onmiddellijk elke niet-naleving die hij aldus heeft geconstateerd te corrigeren. De Raad rapporteert de niet-naleving aan alle leden, alsmede aan de Veiligheidsraad en de Algemene Vergadering der Verenigde Naties. Bij verzuim door de ontvangende Staat of Staten om binnen redelijke tijd alle maatregelen te nemen, welke nodig zijn ter correctie van de situatie kan de Raad een der volgende of beide volgende maatregelen nemen: onmiddellijke besnoeiing of opschorting der door de Organisatie of door een lid verleende bijstand en teruggave eisen der aan een ontvangend lid of aan een groep ontvangende leden beschikbaar gestelde materialen en uitrusting. De Organisatie kan eveneens, overeenkomstig artikel XIX, elk lid dat zich niet aan de naleving der voorschriften houdt, tijdelijk van de rechten en voorrechten van het lidmaatschap ontheffen.

Rechtspraak bij dit artikel