Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Bescherming van strijdkrachten en missies van de Verenigde Naties tegen de uitwerking van mijnenvelden, mijnen en valstrikmijnen

Onderdeel van Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen (Protocol II)· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 18 december 1987

1. Wanneer een strijdmacht of missie van de Verenigde Naties in een gebied taken verricht in het kader van het bewaren van de vrede, waarneming of soortgelijke functies, dient elke partij bij het conflict, indien haar daarom verzocht wordt door het hoofd van de strijdmacht of missie van de Verenigde Naties in dat gebied, voor zover zij daartoe in staat is: alle mijnen of valstrikmijnen in dat gebied op te ruimen of onschadelijk te maken; de eventueel noodzakelijke maatregelen te nemen ter bescherming van de strijdmacht of missie tegen de uitwerking van mijnenvelden, mijnen en valstrikmijnen bij het verrichten van hun taken; en het hoofd van de strijdmacht of missie van de Verenigde Naties in dat gebied alle informatie te verschaffen waarover die partij beschikt betreffende de ligging van mijnenvelden, en de plaats van mijnen en valstrikmijnen in dat gebied. 2. Wanneer een onderzoeksmissie van de Verenigde Naties taken verricht in een gebied, dienen alle partijen bij het desbetreffende conflict deze missie bescherming te bieden, behalve wanneer zij wegens de omvang van die missie, deze bescherming niet in voldoende mate kunnen bieden. In dat geval verschaffen zij het hoofd van de missie de informatie waarover zij beschikken betreffende de ligging van mijnenvelden, en de plaats van mijnen en valstrikmijnen in dat gebied.

Rechtspraak bij dit artikel