Naar hoofdinhoud

TITEL II › Hoofdstuk 3 › Afdeling

Artikel 25

Artikel 25

Onderdeel van Administratief Akkoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 19 juli 1979 te 's-Gravenhage tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal ondertekende Verdrag inzake sociale zekerheid· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1981

1. De in Portugal of in Nederland wonende werknemer of nagelaten betrekking van een werknemer die in aanmerking wenst te komen voor een uitkering krachtens de wetgeving van het andere land, richt zijn aanvraag tot het bevoegde orgaan van het land waarin hij woont. 2. Wanneer de belanghebbende op het grondgebied van een derde Staat woont, richt hij zijn aanvraag tot het bevoegde orgaan van het land krachtens de wetgeving waarvan de werknemer laatstelijk verzekerd is geweest. 3. De aanvragen worden ingediend op formulieren welke zijn voorzien bij de wetgeving van het land waar de aanvraag volgens de vorige leden van dit artikel moet worden ingediend. 4. De aanvrager dient, voor zover mogelijk, het orgaan of de organen van beide landen te vermelden, waarbij de werknemer is aangesloten geweest. Bovendien verstrekt hij alle inlichtingen welke het bevoegde orgaan verlangt, op daartoe ontworpen bijzondere formulieren. 5. Wanneer een ander dan het in het eerste of tweede lid van dit artikel bedoelde orgaan een aanvraag ontvangen heeft, moet het deze aanvraag onverwijld aan het in het eerste of tweede lid van dit artikel bedoelde orgaan doorzenden onder vermelding van de datum waarop de aanvraag is ingediend. Deze datum wordt beschouwd als datum van indiening bij laatstbedoeld orgaan.

Rechtspraak bij dit artikel