Om in aanmerking te komen voor toepassing van artikel 46, tweede lid van het Verdrag legt de belanghebbende aan het bevoegde orgaan een bewijs over met betrekking tot zijn gezinsleden die op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij dan de bevoegde Staat wonen. Dit bewijs wordt afgegeven door het voor de ziekteverzekering bevoegde orgaan van de woonplaats van deze gezinsleden of door een ander orgaan dat is aangewezen door de bevoegde autoriteit van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan deze gezinsleden wonen. Artikel 18, tweede lid van deze Schikking is van overeenkomstige toepassing.
TITEL IV › HOOFDSTUK 3 › Paragraaf
Artikel 56
Bewijs betreffende de gezinsleden die in aanmerking moeten worden genomen
Onderdeel van Administratieve Schikking voor de toepassing van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 december 1987