**1.** Elk Lid, dat dit Verdrag bekrachtigt, zal vrij zijn in zijn beslissing ten aanzien van aard en vorm van de methoden tot vaststelling van minimum-lonen en van methoden, die voor de tenuitvoerlegging gevolgd zullen worden, behoudens de in de volgende leden genoemde voorbehouden.
**2.** Alvorens een beslissing genomen wordt dient vooraf volledig overleg gepleegd te worden met de meest representatieve betrokken organisaties van werkgevers en werknemers, waar deze bestaan, en met iedere andere persoon, die door beroep of functies in het bijzonder bevoegd is en wiens raadpleging de bevoegde autoriteit nuttig oordeelt.
**3.** De betrokken werkgevers en werknemers dienen deel te nemen aan de tenuitvoerlegging van de methoden tot vaststelling van minimum-lonen, of wel geraadpleegd te worden of het recht te hebben om gehoord te worden, op zodanige wijze als en voor zover bepaald moge worden door nationale wetten en regelingen, maar in elk geval op een basis van volledige gelijkheid.
**4.** Minimum-loon tarieven, die vastgesteld zijn, dienen bindend te zijn voor de betrokken werkgevers en werknemers, zodat zij niet verlaagd kunnen worden.
**5.** De bevoegde autoriteit kan, zo nodig, afwijkingen van de minimum-loon tarieven toestaan in bijzondere gevallen ten einde een beperking van de werkgelegenheid voor lichamelijk of geestelijk onvolwaardigen te voorkomen.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Verdrag betreffende methoden tot vaststelling van minimum-lonen in de landbouw· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 11 juni 1955