**1.** Verklaringen, gezonden aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau overeenkomstig lid 2 van artikel 35 van het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie, moeten aangeven:
de gebieden, ten aanzien waarvan het betrokken Lid zich verbindt de bepalingen van het Verdrag ongewijzigd toe te passen;
de gebieden, ten aanzien waarvan het zich verbindt de bepalingen van het Verdrag met wijzigingen toe te passen, en waarin die wijzigingen bestaan;
de gebieden, waar het Verdrag niet toegepast kan worden, en in die gevallen de redenen waarom;
de gebieden, waarvoor het zich zijn beslissing voorbehoudt, hangende nader onderzoek van de omstandigheden.
**2.** De verplichtingen, bedoeld onder a en b van het eerste lid van dit artikel, zullen geacht worden een integrerend deel van de bekrachtiging uit te maken en zullen dezelfde rechtskracht hebben.
**3.** Elk Lid kan te allen tijde bij een nadere verklaring geheel of gedeeltelijk afstand doen van enig voorbehoud, krachtens het bepaalde onder b, c of d van het eerste lid van dit artikel vervat in zijn oorspronkelijke verklaring.
**4.** Elk Lid kan op elk tijdstip waarop dit Verdrag overeenkomstig het bepaalde in artikel 9 kan worden opgezegd, aan de Directeur-Generaal een verklaring doen toekomen, waarbij in enig ander opzicht de inhoud van een vorige verklaring gewijzigd wordt en de toestand ten aanzien van bepaalde aangegeven gebieden medegedeeld wordt.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Verdrag betreffende gelijke beloning van mannelijke en vrouwelijke arbeidskrachten voor arbeid van gelijke waarde· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 16 juni 1972