**1.** Dit Verdrag is zowel van toepassing op vrouwen werkzaam in industriële ondernemingen, als op vrouwen werkzaam in niet-industriële en agrarische beroepen, met inbegrip van thuiswerksters in loondienst.
**2.** Voor de toepassing van dit Verdrag omvat de term „industriële onderneming” overheids- en particuliere ondernemingen en de vertakkingen daarvan; zij betreft met name:
mijnen, groeven en andere inrichtingen voor het winnen van mineralen uit de aardbodem;
ondernemingen waar goederen worden vervaardigd, veranderd, gereinigd, hersteld, versierd, afgewerkt, voor de verkoop geschikt gemaakt, vernietigd of gesloopt, of waar stoffen een verandering ondergaan, met inbegrip van scheepswerven en ondernemingen voor het opwekken, transformeren en overbrengen van electriciteit en van energie in het algemeen;
ondernemingen in de bouwindustrie en voor weg- en waterbouw, met inbegrip van bouw-, herstel-, onderhouds-, veranderings- en slopingswerkzaamheden;
ondernemingen voor het vervoer van personen of goederen langs de weg, per spoor, over zee, langs binnenwateren of door de lucht, met inbegrip van de overslag van goederen in havenopslagplaatsen, op kaden, op los- en laadplaatsen, in opslagplaatsen of in luchthavens.
**3.** Voor de toepassing van dit Verdrag omvat de term „niet-industriële beroepen” alle beroepen, die uitgeoefend worden in of in verband met de volgende overheids- of particuliere ondernemingen of diensten:
handelsondernemingen;
post-, telegraaf- en telefoondiensten;
ondernemingen en administratieve diensten waar het personeel voornamelijk kantoorarbeid verricht;
ondernemingen op het gebied van de pers;
hotels, pensions, restaurants, sociëteiten, cafés en andere inrichtingen waar consumptie wordt verstrekt;
inrichtingen voor de behandeling en verpleging van zieken, gebrekkigen, behoeftigen en wezen;
schouwburgen en openbare vermakelijkheidsinstellingen;
huishoudelijke arbeid in loondienst bij particulieren;
zomede alle andere niet-industriële beroepen waarop de bevoegde autoriteit de bepalingen van het Verdrag van toepassing zou verklaren.
**4.** Voor de toepassing van dit Verdrag omvat de term „agrarische beroepen” alle beroepen uitgeoefend in landbouwondernemingen, met inbegrip van plantages en grote geïndustrialiseerde landbouwondernemingen.
**5.** In alle gevallen waarin twijfel bestaat of dit Verdrag op een onderneming, op een vertakking van een onderneming of op een beroep van toepassing is, beslist de bevoegde autoriteit, na overleg met de voornaamste betrokken organisaties van werkgevers en van werknemers, indien deze bestaan.
**6.** De nationale wetgeving kan van de toepassing van dit Verdrag ontheffen de ondernemingen, waarin alleen leden van het gezin van de werkgever, zoals nader omschreven in bedoelde wetgeving, werkzaam zijn.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verdrag betreffende de bescherming van het moederschap (herzien)· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 18 september 1982