Elk Lid waarvoor dit Verdrag van kracht is, verbindt zich ertoe, door aan de nationale omstandigheden en gebruiken aangepaste methoden:
te trachten de medewerking te verkrijgen van werkgevers- en werknemersorganisaties en van andere in aanmerking komende organen om de aanvaarding en de toepassing van dit beleid te bevorderen;
wetten uit te vaardigen en onderwijsprogramma's te bevorderen die erop zijn gericht de aanvaarding en toepassing van dat beleid te verzekeren;
elke wetsbepaling in te trekken en elke administratieve bepaling of praktijk te wijzigen die onverenigbaar is met bedoeld beleid;
dit beleid toe te passen ten aanzien van de arbeidsplaatsen die zijn onderworpen aan het rechtstreekse toezicht van een nationale instantie;
de toepassing van genoemd beleid te verzekeren in de werkzaamheden van de diensten voor beroepskeuze, voor beroepsopleiding en arbeidsvoorziening die zijn onderworpen aan het toezicht van een nationale instantie;
in zijn jaarverslagen omtrent de toepassing van het Verdrag de maatregelen die op grond van dit beleid zijn genomen, alsmede de verkregen resultaten, te vermelden.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Verdrag betreffende discriminatie in arbeid en beroep· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 15 maart 1974