De uitvoerende macht van het Instituut berust bij een Uitvoerend Comité.
Het Uitvoerend Comité is belast met het toepassen van de richtlijnen gegeven door de Algemene Conferentie.
Het heeft volledig toezicht op de administratie van het Instituut.
Het benoemt bij geheime stemming de directeur.
Het keurt de begroting goed.
Het keurt de te sluiten overeenkomsten met andere organisaties goed.
Het neemt in het algemeen alle maatregelen welke voor het goed functioneren van het Instituut noodzakelijk zijn.
Het wijst gedelegeerden aan in het Besturend Comité.
In de periode tussen de zittingen van de Algemene Conferentie is het bovendien bevoegd tot het nemen van voorlopige beslissingen over aangelegenheden welke tot de competentie van de Algemene Conferentie behoren.
Deze besluiten moeten in de eerstvolgende zitting der Algemene Conferentie ter bekrachtiging worden voorgelegd.
TITEL III › Afdeling
Artikel XIII
Bevoegdheden van het Uitvoerend Comité
Onderdeel van Verdrag inzake het Internationaal Koude-Instituut, ter vervanging van het Verdrag van 21 juni 1920, gewijzigd op 31 mei 1937· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 2 juni 1960